|
| Titel |
|---|
| Europese gevallen van reincarnatie | | Geplaatst door |
|---|
| Titus Rivas | | Samenvatting |
|---|
| Bespreking van het boek European Cases of the Reincarnation Type van dr. Ian Stevenson door Titus Rivas. | | Tekst |
|---|
Europese gevallen van reincarnatie
Recensie: Titus Rivas
De Amerikaanse
psychiater dr. lan Stevenson is vooral bekend vanwege zijn wereldwijde
reïncarnatieonderzoek onder jonge kinderen. Twee van zijn boeken zijn ook in het
Nederlands vertaald, onder de titels Reincarnatie: Twintig vermoedelijke
gevallen van wedergeboorte (Teleboek) en Bewijzen van
reincarnatie (Ankh-Hermes). De meeste publicaties van Stevenson
hebben betrekking op niet-westerse kinderen, met name in Azië. Dit hangt samen
met de frequentie waarin men herinneringen aan vorige levens bij dergelijke
kinderen meldt. Maar ook met zijn doelgerichte speurtocht naar gevallen met
moedervlekken en geboorteafwijkingen die lijken te verwijzen naar de dood
aan het einde van de vorige incarnatie. Om deze redenen heeft dr. Stevenson dit
nieuwste boek gewijd Europese gevallen in de loop van maar liefst dertig
jaar geschreven. De onderzochte personen in dit boek komen uit
Groot-Brittannie, Hongarije, IJsland, Finland, België, Italië, Duitsland,
Frankrijk, Oostenrijk en Nederland. Naast jonge kinderen met spontane
herinneringen komen ook repeteerdromen aan bod, evenals de merkwaardige gevallen
van de volwassen Ruprecht Schulz, Edward Ryall, Peter Avery en de Nederlandse
Henriette Roos. Deze laatste (het enige Nederlandse geval in het boek) leek te
worden 'overgenomen' door de geest van Goya tijdens het maken van een soort
automatische schilderijen. Een medium vertelde Henriëtte dat zij Goya in haar
vorig leven opgevangen zou hebben tijdens zijn jarenlange verblijf in Frankrijk.
Er bleek werkelijk zo'n vrouw te hebben bestaan en het verhaal lijkt tevens
opmerkelijk veel licht te werpen op neigingen en talenten van de
Nederlandse. Opvallend zijn verder twee gevallen van mogelijke
herinneringen aan de Holocaust, die doen denken aan de boeken van Rabbijn
Gershom en de Nederlandse casus van het meisje S. Relatief veel
gevallen hebben overigens te maken met reincarnatie in dezelfde familie- of
vriendenkring, maar zonder dat ze daarom zo maar waardeloos gevonden moeten
worden. Het is duidelijk dat ze meestal dezelfde structuur vertonen als gevallen
met herinneringen aan het leven van een overledene die niet tot de directe
sociale omgeving behoorde. De belangrijkste boodschap van dit boek is dat er
ook in Europa klassieke gevallen van herinneringen aan vorige levens onder jonge
kinderen voorkomen, zelfs bij ouders die van tevoren niet in reïncarnatie
geloofden. Deze conclusie sluit overigens mooi aan bij die van mijn eigen boek
Parapsychologisch onderzoek naar reincarnatie en leven na de dood. De
cases hebben betrekking op dezelfde leeftijdscategorie en komen ook in
andere opzichten overeen met niet-westerse gevallen. Zo herinneren Europeanen
zich vaak een gewelddadige dood, net als kinderen in Azie en Brazilie of
onder de Indianen van Noord-Amerika. Sommigen leven herinneringen aan hun vorige
incarnatie uit door middel van speciale spelpatronen. Een aantal van hen lijdt
aan fobieen en anderen hebben aangeboren afwijkingen die overeenkomen met de
doodsoorzaak, of vaardigheden die ze nooit in dit leven hebben
aangeleerd. Alle kinderen vertonen gedragingen die verband houden met het
leven dat ze zich herinneren. lan Stevenson stelt dat de informatie die
sommige kinderen over hun vorige leven verstrekken paranormaal is, omdat ze er
niet op een normale manier aan gekomen kunnen zijn. Het indrukwekkendste
voorbeeld hiervan is waarschijnlijk het Oostenrijkse geval Helmut Kraus die
zich het leven van de generaal Werner Seehofer herinnerde en daarbij zelfs nog
zijn adres in Wenen wist te noemen. Algemener beschouwt hij ook het
gedrag van de kinderen als paranormaal, omdat men er geen alledaagse
ontwikkelingspsychologische verklaring voor kan geven en ze tegelijk
verband houden met de uitspraken van het kind. De auteur beseft terdege dat
de meeste Europese gevallen qua bewijsmateriaal niet zo sterk staan als veel
niet-westerse gevallen, maar concludeert hoe dan ook dat de
reincarnatiehypothese voor sommige van deze cases de beste interpretatie
is. Al dan niet met opzet zijn enkele bekende bronnen over Europees
reincarnatieonderzoek door Stevenson onbesproken gebleven, zoals het werk van
Peter en Mary Harrison (hoewel hun geval Carl Edon wel wordt behandeld in dit
boek), Destiny van Martin Heald en de boeken van Jenny Cockell. Dit boek moet
men niet los zien van Stevensons overige werk. Het is daarmee ook minder
geschikt als algemene inleiding op het reicarnatie-onderzoek. Gezien de
toename van gemelde westerse (inclusief Nederlandse) gevallen, is European
Cases of the Reincarnation Type echter onmisbaar voor iedereen die zich
daarin wil verdiepen. Het is te hopen dat er deze eeuw een ware doorbraak zal
komen in de bestudering van Europese herinneringen aan vorige levens en dat er
zo nog veel boeken over dit onderwerp zullen volgen. Nestor lan Stevenson
heeft alvast een stevige fundering gelegd.
lan Stevenson. European
Cases of the Reincarnation Type. Jefferson & Londen: McFarland &
Company Inc. Publishers, 2003. ISBN 0-7864-1458-8.
Deze
boekbespreking werd gepubliceerd in Terugkeer, 15(1), voorjaar
2004, blz. 27.
| | | Gebruikte steekwoorden |
|---|
| ian stevenson, reïncarnatie, kinderen, europees, fobie, spontane herinneringen, europa, aangeboren afwijking |
printversie

|
| auteur mailen |
| sluiten |
|
|
|